Gezocht: nieuwe leiders

Koop het boekje “daar heb ik geen actieve herinnering aan” en u ontvangt een blanco notitieboekje.

Een ludieke aanklacht tegen een regering die weinig boodschap lijkt te hebben aan eerlijkheid en openheid en aan het goede voorbeeld geven. Een leugen van een bewindspersoon tegenover de Tweede Kamer is een politieke doodzonde, maar leugenaars gooien daarbij hun falend geheugen in de strijd. Sinds het Omtzigt-debat zei onze premier achtereenvolgens dat hij “verkeerde herinneringen had”, geen “actieve herinneringen” of het zich in ieder geval “achteraf verkeerd had herinnerd”. Of vrij recent na de ruzie met Kaag op de persconferentie: “Het was zo’n raar misverstand dat ik het eigenlijk niet meer kan reconstrueren”. Maar de mooiste van Rutte vind ik toch wel “Ik was niet aan het liegen maar ik zat verstrikt in mijn versie van de waarheid”. We lachen erom maar de stuitende schaamteloosheid en arrogantie is om te huilen. We weten, het stinkt.

Rutte is natuurlijk niet de enige politicus met een lange neus en wiens morele kompas niet helemaal zuiver staat afgesteld. Liegen en beloftes verbreken doen ze wereldwijd allemaal. Zonder leugens, draaien, nepotisme, fabuleren, duiken, inzet van positiemacht en het achtergehouden -of vergeten- van strategische feitjes houdt een politicus het niet lang vol op het pluche. Maar het is vooral het gemak waarmee men er mee weg komt dat het bestuurssysteem in stand houdt.

Sigrid Kaag beloofde ons “nieuw leiderschap”. Inmiddels weten we dat dit een holle frase is. Zo werd het verwerpelijke gedrag van Sidney Smeets die minderjarige jongens seksueel getinte voorstellen deed bewust onder het tapijt geschoven. Zelfs toen op social media de dijken braken met deze onfrisse zaken bleef het stil en was het uiteindelijk Smeets zelf die opstapte. Maar ook liet men de affaire Van Drimmelen een jaar lang bewust in de la liggen uit angst voor imagoschade. Alles voor de beeldvorming. Onbegrijpelijk want dit was bij uitstek dé kans voor lead by example om haar verkiezingsbelofte waar te maken. Ze had nieuw leiderschap kunnen tonen door afscheid te nemen van de rotte appels en te luisteren naar de slachtoffers. Ze deed het tegenovergestelde; nieuw uitglijderschap. Niet bellen, niet thuisgeven.

“Zoek de waarheid, wees transparant en onafhankelijk. Hoe moeilijk kan het zijn?” Deze woorden sprak Margo Smit eind vorig jaar in Het Parool over journalistieke kwaliteit. Ton Elias, toentertijd VVD-woordvoerder, lobbyde het vuur uit zijn sloffen voor een “onafhankelijk NPO Ombudsman”. En die kwam er. Acht dagen later maakte bestuursvoorzitter Rijxman bekend dat het, tádááá… Margo Smit zou worden. Maar hoe zuiver en onafhankelijk is de benoeming van Margo Smit als we weten dat Elias oud zakenpartner van Smit is en de compagnon van haar partner Bart Jochems? Dat oud-staatssecretaris, Sander Dekker, destijds verantwoordelijk voor de publieke omroep, Shula Rijxman (die Smits benoemde), Elias en Jochems samen op privévakantie gingen?

Van mensen in machtsposities verwacht je leiderschap in de vorm van eerlijkheid, het goede doen, verantwoordelijkheid nemen en daadkracht. De zich maar voortslepende Toeslagenaffaire, compensatie van de schade voor Groningen en Limburg, afbraak van de gezondheidszorg en het onderwijs en -niet vergeten- de schimmige mondkapjesdeal van Sywert, die leugens in miljoenen wist om te zetten. Alles zeggen aan te pakken maar niets oplossen. De slachtoffers blijven met lege handen en een minstens zo leeg gevoel achter.

Erdogan, president van Turkije, heeft de afgelopen jaren zonder enige consequenties Rutte op veel verschillende manieren grof beledigd. Recent noemde hij onze Minister-President echter “mijn waardevolle vriend”. Beledigingen slikken om tot zaken te komen. Maar het beperkt zich natuurlijk niet alleen tot de politieke figuren en partijen. Welnee. Onder hoofdredacteur Paul Jansen liep de oplage van de papieren Telegraaf hard terug. In juni verlaat Jansen zijn kantoor in Amsterdam. De dalende oplage heeft geleid tot harde bezuinigingen. Daarom werd het correspondentschap Verenigde Staten een freelance-functie. Dat wordt nu weer een vaste baan. Wie die -bestbetaalde- baan krijgt? Paul Jansen. Ethiek, moraliteit, solidariteit en principes verdwijnen als sneeuw voor de zon als (persoonlijke) belangen, aanzien, macht en geld op het spel staan.

 

Zoete broodjes

Macht is een gereedschap dat bedoeld is om de samenleving te dienen. Misbruik van macht kan zich uiten op verschillende manieren, zoals het verkrijgen van oneerlijke voordelen, het beperken van de vrijheid van anderen, ongelijkheid en onrechtvaardigheid. Misbruik van macht door machtige mensen is een ernstige bedreiging voor onze rechtsstaat en onze samenleving. Als mensen blijven vasthouden aan eigen belang dan wordt het nooit iets met het gemeenschappelijk belang.

Gedragsonderzoek laat zien dat mensen met macht sterk op hun eigen doelen zijn gericht, zo sterk zelfs dat zij nog wel eens de belangen van anderen vergeten. Hun focus is vooral gericht op de mate waarin andere personen hun doelen kunnen helpen vervullen. Een ander probleem is dat een gevoel van macht het morele denken beïnvloedt. Dat wil niet zeggen dat mensen met macht amoreel zijn. In feite zijn ze juist strenger in het toepassen van regels. Echter, ze zijn vooral strenger voor anderen. Als het om hun eigen gedrag gaat vinden ze het overtreden van regels minder erg. Anders gezegd, mensen met macht maken regels voor anderen en uitzonderingen voor zichzelf. Deze effecten zitten overigens in iedereen. Want in alle eerlijkheid, wanneer bakken wij zoete broodjes terwijl we de ander eigenlijk een lul vinden? Hoeveel politiek zit er in ons? Hoeveel macht of leugens zijn wij bereidt uit te oefenen als het ons ten goede komt?

Solidariteit

Maar hoe verlos je de mensheid van het godvergeten eigenbelang en de corrumperende effecten van macht?

Is dit überhaupt mogelijk? Misschien vinden we het antwoord in solidariteit. Solidariteit is een heel mooi concept. Het is een uitdrukking van het vermogen van een persoon om zich te betrekken in zaken die hem of haar niet noodzakelijk moeten schelen. En dat is altijd mooi om te zien in een maatschappij waar zoveel mensen steeds minder tijd nemen om stil te staan bij de shit van anderen. Solidariteit komt om de hoek kijken als je een gemeenschappelijk doel, belang of een gemeenschappelijke vijand hebt. Voorwaarde is wel dat je basisbehoefte, veiligheid, niet in het geding is. Of als je niet bang bent. Denk maar aan alle hulp die is losgekomen naar aanleiding van de aardbevingen in Turkijke en Syrië of de moedige demonstranten in Iran die na de dood van de 22-jarige Mahsa Amini met reëel gevaar voor eigen leven vechten voor vrijheid, vrouwen- en mensenrechten in Iran. Solidariteit betekent steun geven aan elkaar in tijden van misère en in de strijd voor rechtvaardigheid en gelijkheid. Door samen te werken, krachten te bundelen en collectieve acties kunnen we machtsmisbruik bestrijden. Zeker in een wereld waarin nieuws razendsnel de wereld overgaat kunnen we elkaar helpen, zij het op afstand. Een petitie tekenen kost niet veel moeite, een Oekraïner in huis nemen is al een ander verhaal.

 

Tegengeluid
Een nieuwe leider kan heersen door te dienen. Waarbij de leider zichzelf ziet als iemand die dient en leidt door het voorbeeld te geven en te inspireren. Iemand met de focus op de goede dingen doen en daarna pas de dingen goed te doen. Omtzigt wordt door een groeiende groep kiezers gezien als de ideale man om een eind te maken aan het bestuurlijk onvermogen. Daar hoeft hij niet zoveel voor te doen, behalve Pieter Omtzigt te zijn, de rücksichtslose dwarsligger, stampende muis en kritische vragensteller. De ideale “functie elders” voor hem? Iemand die een bezem mag halen door het pluche in bestuurlijk Den Haag. Omtzigt wordt gezien als een rebel, een klokkenluider en dwarsligger. Ze willen iets aan de kaak stellen, niet-integer gedrag melden of iets verbeteren of voorkomen dat er fouten worden gemaakt.

Maar is er hoop? Staat er een nieuwe generatie klaar die wél het juiste doet?

Dienend leiderschap

De Nieuw-Zeelandse premier Jacinda Ardern werd dankzij haar warmte, visie en koelbloedigheid een baken van nieuw leiderschap. Haar premierschap toonde hoe de wereld snakt naar eerlijkheid, verantwoordelijkheid nemen, menselijkheid en verbinding. Een mevrouw die eens niet alleen aan zichzelf denkt. In een tijdperk met hardvochtige Bokito’s als Trump, Poetin en Erdogan toont de 39-jarige Jacinda Ardern dat er een andere weg is.

In een annus horriblilis voor Nieuw-Zeeland, waarin het land werd getroffen door de bloedige aanslag in Christchurch, een dodelijke vulkaanuitbarsting en de coronacrisis, stond Ardern vooraan om haar land te inspireren en te leiden met empathie en daadkracht. Zij toont aan dat er een antigif is tegen veel moderne leiders waarin het liegen en bedriegen (en ermee wegkomen) het nieuwe normaal is geworden. Haar respons op crises appelleert aan de reactie die mensen zelf ook graag zouden tonen in momenten van nood: kraakhelder en inspirerend, met warmte en begrip, realistisch en eerlijk, met aanpakken én oplossen, met optimisme en focus, maar vooral met menselijkheid en verbinding de juiste keuzes maken.

Zij toont aan dat het cruciaal is om eerst leiding aan jezelf te kunnen geven voordat je leiding aan anderen geeft. Van positiemacht naar persoonsmacht. Met aspecten die je niet krijgt toebedeeld, maar die je moet verdienen. Het is goed om je te beseffen wie of wat jou hebben gemaakt tot wie je nu bent, maar ook goed om te beseffen welk voorbeeld jij kunt zijn voor anderen.

Volgens mij hebben we veel meer Jacinda’s nodig. Het kan omdat het moet.

Dick Pieters is medeoprichter van PROF Company, kennispartner bij Building Heroes, columnist en eigenaar van bureau IGNIUS. Als consultant, trainer en businesscoach begeleidt hij strategie-, samenwerkings- en verandervraagstukken bij (internationale)bedrijven. Hij verzorgt maatwerk trainingen over o.a. communicatie, samenwerking, gedrag en leiderschap. Meer informatie via https://www.ignius.nl                

 

Interessant? Deel deze column!

De kracht van verwachtingen

DE KRACHT VAN VERWACHTINGEN

Stel u zoekt een parkeerplaats. Wat doet u? De eerste de beste plek pakken die vrij is of rijdt u door tot zo dicht mogelijk bij uw bestemming?

Behalve dat uw verwachtingen effect hebben op uw eigen beeld van de werkelijkheid en uw beslissingen, hebben ze ook directe invloed op uw omgeving. En niet zo’n klein beetje ook. Verwachtingen kunnen anderen zodanig beïnvloeden dat zij zich aanpassen aan het beeld dat u van hen heeft. Er is zelfs een naam voor: het Pygmalion-effect. Dit effect is voor het eerst beschreven in 1968 door Robert Rosenthal en Leonore Jacobson aan de hand van een wetenschappelijk experiment.

Verwachtingen worden werkelijkheid
Zij deden onderzoek naar dit fenomeen bij onderwijzers van een basisschool in een sociaal zwak milieu. Aan het begin van het schooljaar ontvingen de onderwijzers een namenlijst van leerlingen die uitstekend zouden hebben gepresteerd tijdens een IQ-test. De onderzoekers spraken daarbij de verwachting uit dat deze leerlingen geweldige resultaten zouden behalen gedurende dat schooljaar. Hun briljante geest, zo vermeldde zij, liet simpelweg nog even op zich wachten.

In werkelijkheid was de lijst gebaseerd op een willekeurige selectie onder de leerlingen. De lijst had dus geen verband met de IQ-test. Het verschil tussen deze kinderen en de rest van de klas bestond alleen in de veronderstelling van de leraren. Na acht maanden werd de test bij alle kinderen herhaald. Het bleek dat alle leerlingen vooruit waren gegaan maar de leerlingen van wie de verwachtingen hoog waren, die waren bestempeld als “cognitief sterk” waren significant méér vooruitgegaan.

Maar hoe dan?

De verklaring van dit effect was dat de leerkrachten de leerlingen van wie zij meer verwachtten onbewust anders tegemoet traden. Houding en taalgebruik tegenover de leerlingen werd aangepast, er werd meer geduld met hen betracht, ze kregen meer vertrouwen en gelegenheid tot het stellen van vragen en meer feedback over hun prestaties. De leerlingen vertoonden gedrag wat de verwachtingen van de leraren versterkte, prestaties gingen langzaam vooruit waardoor de verwachtingen bevestigd werden.

Keer op keer is het experiment op grote schaal herhaald in verschillende contexten maar met iedere keer dezelfde uitkomst. En dat geldt ook voor het omgekeerde. Een lage verwachting uitspreken en hier naar handelen zorgt voor mindere prestaties. Leerlingen van wie de docent minder hoge verwachtingen had, voelden zich niet uitgedaagd en gingen zich naar die lage verwachting gedragen. Deze verwachting lag niet hoog dus de leerkracht was snel tevreden over hun prestaties. In het onderzoek bleek zelfs dat docenten ontstemd raakten als de naar verwachting “domme” kinderen goede prestaties leverden. Een onverwachte prestatie had dus een averechts effect.

Natuurlijk beperkt dit zich niet tot het klaslokaal. Ouders hebben de kracht de verwachting uit te spreken naar kinderen dat ze in staat zijn om iets te bereiken. Zorgpersoneel bereikt betere resultaten bij hun patiënten wanneer ze positieve verwachtingen uitspreken. Ook in mijn trainingen voor leidinggevenden blijkt ieder keer weer dat zij de drijvende kracht zijn achter ontwikkeling, groei en betere prestaties van hun medewerkers. Neem ze serieus, luister naar ze en betrek ze bij besluitvorming. Geef ze vrijheid, vertrouwen en verantwoordelijkheid en er ontstaan mooie dingen. Verwachting transformeert gedrag.

Zelf ben ik ervan overtuigd dat verwachtingen effect kunnen hebben op omstandigheden. Als ik ergens in geloof sta ik er meer voor open. Als u meent ergens goed in te zijn, komt u eerder tot actie om het ook te doen. Door dat bewustzijn levert u betere prestaties. Anders gezegd, u gaat bewuster ergens naar zoeken als u meent dat u het wel zult vinden. Zo rijd ikzelf altijd door op zoek naar de beste parkeerplaats. Dan maak ik mijzelf wijs dat er vast wel iemand net weg zal rijden of ga ik dat plekje ontdekken dat anderen net over het hoofd hebben gezien. Het is leuk als je verwachting dan uitkomt.

Ik wens u mooie verwachtingen.

Dick Pieters is medeoprichter van PROF Company, kennispartner bij Building Heroes, columnist en eigenaar van trainingsbureau IGNIUS. Als consultant, trainer en businesscoach houdt hij zich bezig met gedragsontwikkeling en het begeleiden van strategie- verander- en samenwerkingssvraagstukken bij bedrijven en het duurzaam ontwikkelen van mensen, teams en organisaties. Meer informatie via https://www.ignius.nl       

 

 

 

 

 

 

Interessant? Deel deze column!

Waarom “we zijn er nog niet” ons niet helpt

Wat drijft vooruitgang en innovatie bij mensen en binnen teams en organisaties?

Belangrijke aanwijzingen kan je vinden in toonaangevende ontwikkelingen die mensen hebben gedaan.

Denk bijvoorbeeld aan de Wright Brothers. Zij hadden niets wat wij beschouwen als het recept voor succes. Zij hadden geen geld; ze betaalden hun droom met de opbrengst van hun fietsenwinkel. Geen enkel persoon in de het team van de gebroeders Wright had een relevante opleiding. Zelfs Orville of Wilbur niet. Ze hadden een slecht netwerk en de marktcondities waren niet optimaal. Maar één ding hadden ze wel; ze werden gedreven door een zaak, door een doel, door een overtuiging. Ze geloofden dat als zij deze vliegmachine konden ontdekken, het de koers van de wereld zou veranderen.

Meer recent, dit jaar om precies te zijn, hebben David Julius en Ardem Patapoutian de Nobelprijs voor de Geneeskunde ontvangen. Zij beschrijven de rollercoaster van emoties die zij hebben ervaren door de tegenslagen én voortgang van het werk dat hen uiteindelijk de prijs heeft opgeleverd. “Onze eerste modellen waren niet vreugdevol” zo merkte David droog op. “Later kwamen vormen tevoorschijn die ons weer opvrolijkte” aldus Ardem. Echter, toen ze hun doorbraak aan collega’s lieten zien, ontdekte ze dat hun model niet zou werken. Donkere dagen van twijfel en wegebbende motivatie volgden. Toen het duo eindelijk hun bonafide doorbraak had en hun collega’s er geen fout in vonden, schreef Patapoutian: “Na deze mijlpaal schoot mijn moreel omhoog”.

In mijn werk stuit ik -bijna dagelijks- op een opmerkelijk en tegelijkertijd mooi fenomeen; het voortgangsprincipe: van alle dingen die emoties, motivatie en percepties tijdens een werkdag kunnen stimuleren, is de belangrijkste betekenisvol werk en het vieren van stappen in het proces. De gebeurtenis die een “beste dag” veroorzaakt wordt getriggerd door vooruitgang in het werk. En hoe vaker mensen dat gevoel van vooruitgang ervaren -en weten wat het tegenovergestelde doet- hoe groter de kans dat zij deze zelf katalyseren en voeden. Zo spraken de Wright broers af dat ze vijf sets van onderdelen moesten meenemen iedere keer dat ze uitgingen, want zo vaak zouden ze crashen voor het avondeten. De rest is bekend: op 17 december 1903 maakte Orville Wright als eerste piloot in de geschiedenis een geslaagde vlucht.

We hebben allemaal doelen in het leven, hoe groot of klein ook. En we willen ze behalen. Of je nu een groot wetenschappelijk mysterie probeert op te lossen, wil afvallen of die halve marathon wil lopen. Als we aan vooruitgang denken, stellen we ons vaak voor hoe goed het voelt om een ​​langetermijndoel te bereiken of een grote doorbraak te ervaren. Deze grote overwinningen zijn geweldig, maar relatief zeldzaam. Voortgangsgebeurtenissen die vaak onopgemerkt blijven, de kleine stapjes en overwinningen op weg daarnaartoe zijn van cruciaal belang voor de algehele prestaties van mensen, teams en organisaties. Het zorgt voor werkplezier, het versnelt persoonlijke groei, het draagt bij aan teamontwikkeling en het vormt een mooi vertrekpunt voor nieuwe successen. Waarderen dus die lichtpuntjes. Geef aandacht aan ook de kleine mijlpaaltjes.

Natuurlijk kunnen we het heel rationeel bekijken, misschien wel roepen dat het “heel normaal” is wat we hebben bereikt want “we zijn er immers nog lang niet”. Prof. John P. Kotter stelt dat bij innovatie en verandering een emotionele verbondenheid een betere maatstaf is voor het voortgangsprincipe dan de ratio. De ratio bevindt zich in de neocortex, het betrekkelijk jonge brein terwijl emoties geregeld worden door het veel oudere limbische systeem. Daarom is er in dat systeem nooit een gemiste kans. Als je hebt “gefaald” brengt reflectie je bewustzijn en als je bent “geslaagd” ben je je aan het bekwamen. Win-win dus. En bij dat inzicht mag je best even stilstaan.

 

Dick Pieters is mede-oprichter van PROF Company, kennispartner bij Groei door doen, columnist en eigenaar van trainingsbureau IGNIUS. Als consultant, trainer en businesscoach houdt hij zich bezig met het begeleiden van veranderingstrajecten bij bedrijven en het ontwikkelen van mensen, teams en organisaties. Meer informatie via https://www.ignius.nl      

Interessant? Deel deze column!

Het belang van voorpret

Dit wordt geen vrolijke column.

Tenminste, als er niets zou zijn om naar uit te kijken. Want laten we eerlijk zijn, saai is het wel. Het sluiten van de sportverenigingen, de horeca, de filmzalen, het gebrek aan borrels, geen festivals, geen reizen en de beperkingen op samenscholing om maar wat te noemen, bieden weinig reden tot optimisme.

“Leef in het nu” roepen de goeroes en influencers maar we kunnen er moedeloos van worden als we niets hebben om naar te verlangen. Kerst, normaal een feest waar veel mensen naar uitkijken biedt ook al geen troost. Ruim 40% van de mensen verwacht dit jaar alleen of hooguit met de eigen partner Kerstmis te vieren. Plannen om iets speciaals te doen zijn er amper. Natuurlijk beloven Rutte en De Jonge betere tijden maar het gebrek aan perspectief blijft knagen. Dus rijst de vraag: hoe belangrijk is het hebben van voorpret?

Mensen worden gelukkig van drie dingen: iets om te doen, iets om van te houden en iets om naar uit te kijken.

Zo kan ik mij enorm verheugen op die mooie vakantie, die upgrade op mijn MTB, iets leuks doen na een intens volle week of eens alleen zijn. Anticiperen op iets leuks, naar iets om op te hopen geeft het brein alvast een shot dopamine, een verhoogd gevoel van geluk. En vaak is dit het ware genot en niet de activiteit zelf. Samuel Johnson, een Engelse intellectueel en schrijver zei het in de 18e eeuw al treffend: geluk komt van de verwachting van een verandering, niet van de verandering zelf. Zodra die er is, verlangen we naar de volgende.

Uitkijken naar iets -het goede nieuws over een veelbelovend vaccin zodat het land in januari van het slot kan- verdrukt gepieker en doemdenken. Dat geldt niet alleen voor mensen maar ook voor organisaties. Bedrijven die zich ertoe kunnen zetten anticyclisch vooruit te denken en strategisch te anticiperen op de toekomst, komen vaak sterker uit een crisis, wat zich uit in bijvoorbeeld groei, nieuwe samenwerkingen, behoud en zelfs creatie van werkgelegenheid. Maar ook in effectievere acties in het hier en nu.

Tijdens mijn opleiding oplossingsgerichte coaching leerde ik vooral om vooruit te kijken. Hierbij gaat de aandacht met name uit naar de oplossing in plaats van naar het probleem. Een belangrijk uitgangspunt in de oplossingsgerichte benadering is dat het niet altijd nodig is om terug te kijken en inzicht te hebben in het ontstaan van problemen om deze te kunnen oplossen. Daardoor ontstaat voor mijn klanten vaak een geheel nieuw perspectief op wat mogelijk is en niet wat onmogelijk is. Vooruit is niet altijd rechtdoor maar mensen die meer bezig zijn met de toekomst dan het verleden creëren meer kracht meer optimisme, en meer energie. Leven in het nu? Absoluut maar ook verheugen op later. Ergens naar uitkijken geeft een prettige sensatie. Voorpret fantaseert, bouwt op en creëert spanning.

En natuurlijk komt het omgekeerde ook voor. Hoe langer je uitkijkt naar een bepaald moment, hoe groter de kans is dat het tegenvalt. Maar dat maakt niet uit, want de voorpret heeft altijd langer geduurd dan het moment van teleurstelling. Want er is wel degelijk iets om naar uit te kijken. Voldoende zelfs, als je het maar wilt zien. Maar u raadt het al, ook hier is er een probleem wat de kop op steekt. Een verandering in gedrag heeft een lange termijn karakter terwijl wij als mensen enorm gevoelig zijn voor korte termijn impulsen.

Breek langere perioden van relatief ongemak daarom op in korte sprints. Het gebrek aan perspectief, aan lol en iets om op te hopen kan je het beste aanpakken door iedere dag een doel te geven. Het hoeft niet groot te zijn, klein mag ook maar doe het.  Hoe concreter hoe beter. Dus plan die wandeling, duik het kookboek in en bestel die gave broek. Verbaas jezelf. Ga je alvast maar verheugen.

 

Dick Pieters is mede-oprichter van PROF Company, kennispartner bij Groei door doen, columnist en eigenaar van trainingsbureau IGNIUS. Als consultant, trainer en businesscoach houdt hij zich bezig met het begeleiden van veranderingstrajecten bij bedrijven en het ontwikkelen van mensen, teams en organisaties. Meer informatie via https://www.ignius.nl      

Interessant? Deel deze column!

Je moet maar durven…

We kunnen rustig stellen dat het coronavirus de spelregels van ons doen en laten -wereldwijd- behoorlijk in de war heeft geschopt. Het voelt een beetje alsof moeder aarde ons allemaal naar onze kamer heeft gestuurd om na te denken wat we hebben gedaan.

Over geld bijvoorbeeld. De laatste decennia is alleen de factor geld overgebleven als meetinstrument voor het bepalen van waarde. Maar als de waarde alleen nog maar wordt gedefinieerd aan de hand van geld en winst, dan wordt uit het oog verloren wat daadwerkelijk van belang is: gezondheid, ons milieu, oprechte aandacht voor mens en omgeving, sociale cohesie en rust om maar wat te noemen.

Zo realiseren wij ons door het coronavirus dat we bijvoorbeeld in tijden van nood veel meer hebben aan de vitale beroepen, aan banen die écht waarde toevoegen dan aan de egotrippers op de Zuidas. Zorgmedewerkers, leraren of de politie, beroepsgroepen die jarenlang bezuiniging op flexibilisering om de oren kregen, worden, begeleid door landelijk applaus vanaf balkons, tot helden verheven en krijgen de erkenning die ze verdienen. Dat is van waarde.

Ook als we straks weer allemaal naar kantoor mogen, zal een deel van ons thuis blijven werken. Dat geldt ook voor de werknemers die dat voor de coronacrisis niet mochten, omdat hun baas geen vertrouwen durfde te geven en koudwatervrees had. In razend tempo hebben wij online vergaderen geleerd. Sceptische bedrijven zijn een stuk positiever geworden nu ze gezien hebben dat we toch werk gedaan krijgen vanaf de keukentafel. Ook dat is van waarde. En we hebben maar weer bewezen hoe goed we zijn in improviseren, schakelen, veranderen en naar andere manieren zoeken om onze doelen te realiseren.

Door de prikkels die we nu krijgen hebben wij de kans om zaken anders aan te pakken. Want spring ik straks echt nog in de auto voor een vergadering? Dat lijkt me sterk. We gaan sowieso meer thuiswerken, scholen zetten meer in op online-onderwijs en de bezorging van boodschappen en maaltijden groeit nu echt groot. En we worden daarvoor meteen beloond. Dan maakt dat nieuw gedrag een grote kans heeft om te beklijven. Maar het is duidelijk dat er niet veel mensen meer op balkons zullen staan te zingen.

Joost, een cliënt van mij, blijkt enorm veel baat te hebben bij het inplannen van tijd voor ontspanning en eens helemaal niet doen. Zo staat het ook in zijn agenda: “lummelen”. Je moet maar durven in deze tijd. Zijn balans gaat niet over werk en privé maar over inspanning en ontspanning. Niet de hoeveelheid werk neemt hij als uitgangspunt maar de hoeveelheid tijd die hij beschikbaar heeft. Joost bepaalt voor zichzelf hoeveel tijd hij wil werken en hoeveel privé tijd hij wil om een goede balans te creëren. Dat betekent bewust keuzes maken en consequenties aanvaarden. Dat kan heel waardevol zijn. Zo heb ik sinds de corona tijd mijn fietsen weer uit de schuur gehaald. Met terugwerkende kracht snap ik werkelijk niet waarom mijn werk de afgelopen jaren altijd voorrang heeft gekregen op het heerlijke knallen op de mountainbike. Er is een verschil tussen de dingen goed doen en de goede dingen doen.

Ga daarom na wat nu anders blijkt dan je altijd had gedacht, en gebruik die kennis. Waar hecht je waarde aan en hoeveel aandacht krijgt dat van je? Het najagen van doelen in de hoop dat je stopt met verlangen, is een illusie. Door verlangen naar meer, ontstaat onrust. De sleutel tot een goed leven is niet de obsessie met geld, groter, duurder en meer maar het is het belang inzien van minder, van vrijheid, van wat oprecht is en belangrijk. Waardevol is de kunst van tevredenheid verstaan. Daar kan geen normaal denkend mens op tegen zijn.

Dick Pieters is mede-oprichter van PROF Company, kennispartner bij Groei door doen, columnist en eigenaar van trainingsbureau IGNIUS. Als consultant, trainer en businesscoach houdt hij zich bezig met het begeleiden van veranderingstrajecten bij bedrijven en het ontwikkelen van mensen, teams en organisaties. Meer informatie via https://www.ignius.nl      

Interessant? Deel deze column!

Nieuwe bazen

Ingegeven door keuzevrijheid en een vraagmarkt verschuift het bekende “het verschil willen maken” van de boardroom naar “het verschil kunnen maken” op de plaats waar dat ook daadwerkelijk gebeurt, namelijk op de werkvloer. En nergens anders.

Het werk van Tessa en haar collega’s en de technologie die zij daarbij gebruiken is de afgelopen eeuw ingrijpend veranderd. Wordt het dan ook niet tijd voor nieuwe vormen van leiding geven en organiseren? Een vorm waarin zij en haar collega’s zélf bepalen hoe, wanneer en waar ze werken?

Het leidinggeven op basis van een hiërarchie, alwetende leiders aan de top en een stricte scheiding van rollen en functies kennen we bijzonder goed. Zo zijn we al ruim 200 jaar gewend onze organisaties vorm te geven. Het heeft ons veel gebracht en we zijn er groot mee geworden. Maar in een turbulente en een op vele fronten veranderende wereld schiet het mechanisme van command & control steeds vaker tekort. Op het gebied van bijvoorbeeld innovatie, creativiteit, wendbaarheid en ondernemerschap is het harkmodel (aansturing van bovenaf) hopeloos verouderd. Nu werk in toenemende mate iets is wat je doet, in plaats van waar je heen gaat, is het goed te kijken naar wat Tessa, haar collega’s -de generatie Y en Z- motiveert. Die motivatie blijkt steeds vaker vrijheid te zijn.

Veel leidinggevenden geven leiding als ze het vooral niet moeten doen, en zij geven geen leiding wanneer ze het vooral wél moeten doen. Ofwel, ze stappen “in” als ze “uit” moeten stappen en ze stappen “uit” als ze “in” moeten stappen. Dat is lastig leidinggeven, zeker als je dit combineert met de drang die veel managers hebben om controle uit te voeren en grip te houden. Nóg meer zelfs als het in het werk steeds vaker gaat over innovatie, slimmer en prettiger werken, autonomie, ruimte voor initiatief, het aangaan van gezonde risico’s en het nemen van verantwoordelijkheid. En het gaat zéker fout met een micromanager in je omgeving. Grote kans dat medewerkers gaan stoppen met zelf nadenken. Maar erger nog, een manager die overal zijn plasje overheen doet, dooft het vuur bij zijn medewerkers.

Voormalig CEO van Apple, Steve Jobs, zei ooit: “Het heeft geen zin om slimme mensen aan te nemen en hen te vertellen wat ze moeten doen. Neem slimme mensen aan en laat ze óns vertellen wat we moeten doen.” Goed opgeleide teamleden, vakkundig en professioneel staan immers dichter bij de klant, weten wat die klant wil en kunnen daar snel en effectief op inspelen. Ga als manager dan niet in de weg lopen maar faciliteer bottum-up en geef leiding aan vrijheid. Dat is nog niet zo makkelijk, want als je als leidinggevende je mensen jarenlang als kinderen hebt behandeld, gaan zij zich natuurlijk ook als kleine kinderen gedragen.

In excellerende organisaties zijn die functies van iedereen en is leiderschap van iedereen. Hoe de leiding wordt verdeeld en wie de leiding neemt of krijgt, wordt bepaald door de specifieke expertise, competentie en bekwaamheid van de mensen in het team. Dat bepaalt hoe het aanwezige talent wordt ingezet. De paradox is waar, laat de controle los (of hou anders vast) en krijg betrokken medewerkers. Het staat of valt wel met het feit dat alles wordt uitgevoerd door de goede mensen, met de juiste bagage en in de vereiste omstandigheden.

Goede leidinggevende stimuleren ondernemerschap bij medewerkers. Zij faciliteren zelfsturing die essentieel is om de organisatie innovatief en wendbaar te houden. Vervang controle door vertrouwen, grip door verantwoordelijkheid, organiseren door inspireren en “hoe en wanneer” door “wat en waarom”. Laat schijnzekerheden los en laat mensen zelf invulling geven aan hun professionele ruimte. Doe je dat niet dan zal je als leidinggevende uiteindelijk worden omringd door mensen die niets te zeggen hebben. De nieuwe bazen zijn vooruitstappers, mouwopstropers, samenwerkers, zelfdoeners en klusklaarders.

Leidinggevenden en organisaties die deze bazen niet de ruimte geven zijn ten dode opgeschreven.

Dick Pieters is eigenaar van trainingsbureau IGNIUS. Via intervisie, tóp maatwerk trainingsprogramma’s en (team)coaching helpt hij mensen over hun eigen ontwikkeling én werk te laten nadenken. Met resultaten in de praktijk die er toe doen. De columns van Dick verschijnen in alle edities van het Noordhollands Dagblad, bijlage Plus-Werk – TMG.

Interessant? Deel deze column!

Living hell voor workaholics

Van hard werken is nog nooit iemand doodgegaan. U kent het gezegde vast wel. Het calvinistische credo dat hard werken zo slecht nog niet is, kan de prullenbak in.

De werkdruk is met vlagen heel hoog bij het ICT bedrijf van Tessa. Druk die volgens haar en haar collega’s niet alleen kenmerkend is voor de professionele zakelijke dienstverlening maar die zich in tal van branches voordoet. Op de Zuidas, waar vooral grote banken, advocatenkantoren en consultancybedrijven zijn gevestigd, kunnen ze daar over meepraten. Gedreven door ambitie, geldzucht en aanzien maken vooral jonge advocaten regelmatig werkweken van 80+ uur. Tessa en haar collega’s hebben zeer hoge verwachtingen van het leven: de helft wil later een toppositie bereiken en denkt bovenmodaal te gaan verdienen. Men is bereid hier keihard voor te werken. En mocht dat allemaal niet lukken, dan geven zij zichzelf de schuld.

In onze prestatie maatschappij lopen heel veel mensen op hun tenen om aan de torenhoge eisen te voldoen. Met een perfectionistische inslag biedt het werk een voedingsbodem om je he-le-maal over de kop te werken. Niet verwonderlijk dat Hoofdofficier van justitie Nicole Zandee bedrijven op de Zuidas oproept hun verantwoordelijkheid te nemen. En direct ook maar het cocaïnegebruik aan te pakken.

Een miljoen Nederlanders rapporteren gevoelens van emotionele uitputting. Vooral jonge werknemers tussen de 25 en 35 worden geveld door stress: zo’n 240.000 mensen. Al jaren wordt een forse stijging vastgesteld van het aantal werkgerelateerde ziekmeldingen. Oorzaken hiervan zijn divers maar slechte werkverhoudingen, een verziekte sfeer, een te hoge werkdruk, een doorgedraaide target-cultuur of werk dat simpelweg niet (meer) bij de werknemer past worden veel genoemd.

Al dat harde werken heeft een prijs en aan de horizon gloort geen verlichting. Want natuurlijk melden werknemers zich wel ziek. Om de haverklap zelfs. Het gaat dan vooral om korte periodes. Dit zorgt voor organisatorische problemen op de werkplek en vaak moet een beroep worden gedaan op de collegialiteit van de collega’s die het werk moeten opvangen. Ben je een “seriële ziekmelder” dan leidt dat ook nog eens tot een verstoorde arbeidsrelatie.

Anno 2019 moeten we op een andere manier met ons hoofd én onze tijd bezig zijn. We staan altijd “aan” en bereikbaarheid is een eerste levensbehoefte geworden. Die constante alertheid is niet goed voor ons brein. Om de bovenkamer te ordenen en op te ruimen, moeten we zo nu en dan kunnen mijmeren. Kunnen luieren. Kunnen dagdromen. Gewoon ons hoofd de vrije teugel laten. Dat wil overigens niet zeggen dat mensen het best af zijn als ze de hele dag roerloos liggen te suffen.

Er is niets mis met hard werken, maar we ontspannen te weinig. Het helpt als we minder prestatiegericht bezig zijn en onszelf meer de tijd geven om afstand te nemen en te ontspannen. En niet alleen op het werk, maar ook thuis. Dat klinkt gemakkelijk, maar voor veel mensen zal dat een enorme klus zijn. Want lummelen, even niets doen is living hellvoor de generatie workaholics. Bovendien is het niet vanzelfsprekend in een samenleving die strak staat van de actie. Het past simpelweg niet bij het arbeidsethos en de ambitie van de hardwerkende en constant alerte professional.

Actie is niet altijd het antwoord. Het is goed om rust te hebben, om niets te doen, niet te handelen. Want we hoeven niet altijd te rennen om ons doel te bereiken. Het klinkt dan ook paradoxaal: om efficiënt en effectief te kunnen zijn moet je af en toe kunnen lanterfanten. En je daar niet schuldig over voelen. Nietsdoen, lummelen, tijd verspillen zorgt voor innerlijke rust en balans. Unpluggen vraagt geduld. Misschien is het daarom wel zo moeilijk.

Dick Pieters is eigenaar van trainingsbureau IGNIUS. Via intervisie, tóp maatwerk trainingsprogramma’s en (team)coaching helpt hij mensen over hun eigen ontwikkeling én werk te laten nadenken. Met resultaten in de praktijk die er toe doen. De columns van Dick verschijnen in alle edities van het Noordhollands Dagblad, bijlage Plus-Werk – TMG.

Interessant? Deel deze column!

Mag Sneeuwwitje nog wel gekust worden?

Sarah Hall uit het Engelse North Shields en moeder van een 6 jarige zoon heeft geëist dat de school Sneeuwwitje uit het lesprogramma haalt omdat het sprookje een “ongepast sexueel signaal naar kinderen afgeeft…”. Hall is bezorgd want, zo stelt zij, “Sneeuwitje heeft geen toestemming gegeven om gekust te worden”. Heeft zij een punt of hebben de mensen die haar kwalificeren als “zielig” en “sneu” gelijk?

Het is bijna niemand ontgaan. Het maatschappelijk debat via diverse media naar aanleiding van de beschuldiging van intimidatie, ongepast sexueel gedrag en verkrachting aan het adres van de grote filmproducent Harvey Weinstein. Vrouwen -en in mindere mate mannen- delen hun verhalen of betuigen steun via de hashtag #metoo. Activiste Tarana Burke uit New York gebruikte “Me Too” al in 2006 om empathie te kweken voor vrouwen die slachtoffer waren van seksueel misbruik. Voor Burke was dat een gevolg van een gesprek dat zij in 1997 had met een dertienjarig meisje dat haar toevertrouwde dat zij aangerand was. Burke wilde later dat ze gewoon “me too” gezegd had.

De lijst aan (beroemde) mensen die beschuldigd zijn van sexuele intimidatie is inmiddels enorm. Bill Cosby treft een schikking met zeven vrouwen die hem aanklaagden. Brett Kavanaugh (kandidaat-rechter voor het Hooggerechtshof van de Verenigde Staten), Bill Clinton (“I did not have…“), Donald Trump (“grab them by the pussy“) en Morgan Freeman om maar een paar te noemen. Freeman is door maar liefst 16 vrouwen beschuldigd van sexueel overschrijdend gedrag. Tijdens opnames zouden vrouwen o.a. opmerkingen van Freeman hebben gekregen over hun figuur tot incidenten waarbij hij rokjes optilde. Netflix wist niet hoe snel zij de samenwerking met Kevin Spacey, ster van House of Cards, moest verbreken nadat er steeds meer verhalen van ongewenste intimiteiten opdoken. Google betaalde miljoenen dollars aan ontslagvergoeding aan mannelijke topmanagers die zich schuldig hebben gemaakt aan grensoverschrijdend seksueel gedrag. Ruud Lubbers noemde Cynthia Brzak “beklagenswaardig” toen hij in zijn rol als Commissaris voor de Unhcr door haar werd aangeklaagd wegens seksuele intimidatie. Jelle Brandt Corstius tenslotte maakte bekend dat hij tijdens zijn werk te maken heeft gehad met seksuele intimidatie.

Blauwtje

De vraag is natuurlijk waar onschuldig geflirt overgaat in ongewenste intimiteiten. Grappig als geflirt van twee kanten komt maar wat als dat niet het geval is? Iedereen mist weleens een signaal en we hebben allemaal weleens een blauwtje gelopen. Seksuele intimidatie is namelijk ook op onze werkvloeren.En al helemaal als er macht bij komt kijken.Niet bij ons, roepen de meeste Nederlandse ondernemers. Toch komen ongewenste omgangsvormen in veel bedrijven voor. De groep werkende Nederlanders die te maken krijgt met grensoverschrijdend gedrag op de werkvloer bungelt al jaren rond de 16 procent. Dat zijn iets meer dan 1,2 miljoen mensen. Zij worden door collega’s gepest, gediscrimineerd, buitengesloten of seksueel geïntimideerd. Blijkbaar is het (nog steeds) normaal dat er ongepaste opmerkingen worden gemaakt. Gaan complimenten nou eenmaal niet altijd over de inhoud van het werk en moet je niet te moeilijk doen over ongepaste, ongewenste, seksueel getinte aanrakingen. Waarom? Omdat je anders geen resultaat boekt, niet aardig gevonden wordt, geen promotie maakt, of simpelweg omdat het er nou eenmaal bij hoort. En blijkbaar wordt er intern een afweging gemaakt als het gaat om het “nee” zeggen of bespreekbaar maken van wangedrag ten opzichte van die persoon. Denk daarbij aan ingecalculeerde risico’s zoals baanverlies, minder gave projecten of problemen met collega’s.

Wij allen hebben een grote rol in het geven van voorbeeldgedrag en het creëeren van goede en gezonde (werk)cultuur. Dat gaat verder dan de vraag of Sneeuwwitje al dan niet gekust mag worden.

Dick Pieters is eigenaar van trainingsbureau IGNIUS. Via intervisie, tóp maatwerk trainingsprogramma’s en (team)coaching helpt hij mensen over hun eigen ontwikkeling én werk te laten nadenken. Met resultaten in de praktijk die er toe doen. De columns van Dick verschijnen in alle edities van het Noordhollands Dagblad, bijlage Plus-Werk – TMG.

Interessant? Deel deze column!

Angstcultuur

Toen de kwartaalcijfers in het rood dreigden te raken was Tessa’s chef opeens niet meer zo aardig. Hij twijfelde openlijk aan haar vaardigheden en haar inzet en belde haar zelfs in haar vrije tijd om tekst en uitleg.

Tessa staat niet alleen. Hoe vaak gebeurt het niet dat medewerkers zich afgestraft of onder druk gezet voelen? Mensen met een hogere rang kunnen je immers maken en breken. Veranderen van baan behoort niet automatisch tot de mogelijkheid en dus nemen werknemers veel meer voor lief dan men eigenlijk wil. Het verliezen van je baan brengt tenslotte meer bestaansonzekerheid met zich mee dan dagelijks dealen met die financieel directeur die je onder druk zet om de cijfers wat “op te leuken”.

Verzet

Cijfers naar hoe vaak er sprake is van een angstcultuur binnen organisaties ontbreekt. Uit onderzoek weten we wel dat één op de zes werknemers zegt gepest te worden op het werk. En waar een voedingsbodem bestaat voor pestgedrag, is die er ook voor een angstcultuur. Situaties waarbij de samenwerking en de cultuur zó verrot is dat werknemers de hulp inschakelen van vakbonden, de media of zelfs journalisten. Maar meestal vertellen mensen pas na hun pensionering eerlijk over wat er speelt binnen het bedrijf. Een angstcultuur kan alleen bestaan bij de gratie van mensen die niet in verzet komen of geen ontslag nemen.

Tirannen

Op het ministerie van Justitie is al een tijdje sprake van een angstcultuur. Een zeer sterke hiërarchische cultuur met verkokering en een eilandjescultuur zorgt er voor dat ambtenaren hun mond niet open durven doen. Ook in de wetenschap regende het recent van de schandalen van prominente professoren die hun ondergeschikten zouden terroriseren.
Eén voorbeeld? Tania Singer, hersenwetenschapper en directeur van het Max Planck-Instituut in Leipzig wordt door acht medewerkers beschuldigd van intimidatie, belediging en “emotioneel misbruik”. Saillant detail, zij is wereldexpert op het gebied van, jawel, vriendelijkheid en empathie. De topwetenschapper als tiran.

Touwtje

Maar de cultuur van angst is breder. Van gebarbecuude worstjes die de kans op kanker verhogen tot burgers die het gevoel hebben dat hun veilige en vertrouwde samenleving verdwijnt. De schutter van de aanslag in Christchurch hield de wereld in zijn greep. Vorige week werd het allerhoogste dreigingsniveau voor de provincie Utrecht afgegeven na de verschrikkelijke schietpartij in de tram aldaar. Een Leerkracht van een VMBO-school zit al een ruim twee maanden thuis omdat hij volgens een stel leerlingen de profeet beledigd zou hebben. In plaats van deze gelegenheid te gebruiken als start van een discussie over vrijheid van meningsuiting besloot het Hoofdvaart College de leraar -uit angst voor reacties- te schorsen. Er worden risico-afwegingen gemaakt en principes gaan overboord. Meer mensen hebben blijkbaar moeite met de groeiende diversiteit in onze samenleving, het migrantenvraagstuk, islamitisch fundamentalisme, de toenemende technologische uitdagingen, met een meer flexibele arbeidsmarkt of met steeds alarmerender klimaatnieuws.
In de publieke ruimte neemt het onbeschofte gedrag toe. De verzorgingsstaat brokkelt af en het einde tegen terrorisme is nog lang niet in zicht. Het touwtje uit de brievenbus zoals Jan Terlouw dat zo prachtig beschreef lijkt verder weg dan ooit.

Voor Tessa is het van belang cultuur te scheiden van persoonlijke beleving. Waar houdt bestuurlijke onhandigheid of een directieve leiderschapsstijl op en begint onveiligheid? Voor ons zijn het niet de inbraken of overvallers waar we bang voor zijn maar mondiale problemen, globalisering en geopolitieke machtsverhoudingen. Onze angst is niet altijd legitiem en vaak overdreven. Het is van groot belang goed geïnformeerd te zijn. Door eenzijdige informatie kunnen we een vertekende perceptie van de wereld en de realiteit ontwikkelen. Blijf daarom nieuwsgierig, blijf kritisch, ken de feiten, de cijfers, de achtergronden. Je gedachten bepalen immers je realiteit. En je leven.

Dick Pieters is eigenaar van trainingsbureau IGNIUS. Via intervisie, tóp maatwerk trainingsprogramma’s en (team)coaching helpt hij mensen over hun eigen ontwikkeling én werk te laten nadenken. Met resultaten in de praktijk die er toe doen. De columns van Dick verschijnen in alle edities van het Noordhollands Dagblad, bijlage Plus-Werk – TMG.

Interessant? Deel deze column!

“Lekker op je bek gaan…”

Tessa heeft een week geleden een training gevolgd. Eentje die iedereen binnen het bedrijf verplicht is te volgen. Wanneer zij er op terugkijkt en zichzelf afvraagt of deze daadwerkelijk een (gedrags)verandering tot stand heeft gebracht blijkt het antwoord teleurstellend.

Maar hoe kan dat? De training was inhoudelijk uitstekend; de trainer was geweldig en het resultaat was goed. Alles klopte. Tessa hield geen rekening met de principes van gedragsverandering. Een training op zichzelf is namelijk niet voldoende om een duurzame gedragsverandering te realiseren. Dus rijst de vraag: hoe effectief zijn al die trainingsinspanningen eigenlijk?

Ebbinghaus

Onze hersenen zijn verantwoordelijk voor twee van onze fundamentele vaardigheden: denken en handelen. Deze twee vaardigheden vereisen het vermogen om te leren (opslaan) en de informatie die het brein verwerft, te onthouden. Dat is de taak van het geheugen. Maar geheugen laat ons vaak in de steek. Onderzoek laat zien dat in 15 tot 30 procent van de gevallen de cursisten het geleerde na de externe training ook in de praktijk toepassen. Hermann Ebbinghaus, pionier in het leerpsychologisch onderzoek, wordt gezien als de ontdekker van de klassieke vergeetcurve. Ebbinghaus bestudeerde waarom we na verloop van tijd dingen vergeten. Hij ontdekte onder andere dat als het trainingsmateriaal geen betekenis heeft en niet gelinkt is aan associaties, het vergeten verspoedigt. Vlak voor een tentamen blokken? Liever niet. Gespreid leren (spaced learning) en dat regelmatig blijven herhalen werkt aantoonbaar beter dan alles in één keer leren. En daar zit direct de crux met veel hedendaagse trainingen. We vergeten omdat we niet werken aan het herzien van de informatie.

Motivatie

Een training (of andere leerinterventie) maakt Tessa enthousiast en klaar om te veranderen. Maar daarmee is zij er nog niet. Voor daadwerkelijke gedragsverandering in de leeromgeving zijn minimaal twee factoren noodzakelijk: Tessa moet iets écht willen (intrinsieke motivatie) om met haar persoonlijk ontwikkeldoelen aan de slag te gaan. Wanneer het doel bijvoorbeeld door de leidinggevende wordt opgelegd en de deelnemer zelf weinig gemotiveerd is om te veranderen (“ik ben verplicht deze training te volgen…”) zal zijn leercurve vooral worden gebruikt om de zoutvlaktes waterpas te maken. Resultaat blijft uit. Een tweede belangrijke factor is dat Tessa haalbare doelen en realistische verwachtingen heeft en, zeer belangrijk, deze in haar praktijk ook vorm moet kunnen geven. Leren door te herhalen, te reflecteren, aan te passen, te ervaren en te genieten van vorderingen. Doen is immers de beste manier van denken. Een derde factor wordt ingevuld door de randvoorwaarden. Indien de inbedding van het geleerde qua tijd, inzet, middelen en energie niet wordt meegenomen in haar ontwikkeling is ook dit rendement te verwaarlozen. Motivation is what gets you started, habit is what keeps you going.

Tandenpoetsen

Het volgen van een training om je verder te ontwikkelen is krachtig en waardevol om te doen. De goede advies- en trainingsbureaus motiveren mensen niet alleen met inspirerende trainingen maar helpen organisaties ook met het vermijden van het kostbare misverstand: zonder vooropgezet plan werknemers op cursus sturen. Zij faciliteren niet alleen het “waarom” en de motivatie maar borgen samen met de klant ook de nieuwe kennis-, houding- en vaardigheidsaspecten in de dagelijkse praktijk van de deelnemer(s). Een abstracte ambitie houdt mensen in ontkenning (“Dit gaat niet over mij”) of weerstand (“Mijn situatie is tóch anders”). Dit vraagt om het afleren van ineffectieve gedragspatronen en het aanleren van nieuw, effectief gedrag door veel oefening en herhaling. Doen dus. Door het “inslijten” van nieuwe gedragspatronen ontstaan er nieuwe verbindingen in onze hersenen, wat in resulteert in duurzame verandering. Tandenpoetsen doe je tenslotte ook dagelijks zonder dat je jezelf ervoor hoeft op te peppen.

De Chinese wijsgeer Confusius stelde “Vertel het mij en ik zal het vergeten. Laat het mij zien en ik zal het herinneren. Laat het mij ervaren en ik zal het mij eigen maken”. Enkel in een veilige haven liggen heeft immers nog nooit een vaardige zeiler opgeleverd.

Maar misschien het allermooiste voorbeeld van leren door doen is Martijn Kardol. Als winnaar van het Leids Cabaret Festival kreeg hij naast de trofee een valhelm: “zodat je nog lekker veel op je bek kunt gaan”.

Dick Pieters is eigenaar van trainingsbureau IGNIUS. Via intervisie, tóp maatwerk trainingsprogramma’s en (team)coaching helpt hij mensen over hun eigen ontwikkeling én werk te laten nadenken. Met resultaten in de praktijk die er toe doen. De columns van Dick verschijnen in alle edities van het Noordhollands Dagblad, bijlage Plus-Werk – TMG.

Interessant? Deel deze column!