Organiseren van verschil of reproduceren van uniformiteit?

Stel, je kind komt thuis met de volgende rapportcijfers: Nederlands negen, Engels zeven, wiskunde drie en economie zes. Welk cijfer geeft u dan de meeste aandacht? Veel van u zullen zeggen: “wiskunde natuurlijk”. Echter, de vraag was, waar gaat u de meeste aandacht aan besteden? Je kunt de drie niet negeren. Maar zou het niet beter zijn om uit te gaan van de andere cijfers?

Tessa heeft een korte pauze genomen en geniet van een kop koffie. Collega Roos komt naast haar zitten. Roos is secretaresse en een vrolijke jonge vrouw die haar werk met veel plezier doet. Onlangs nog heeft zij -uit zichzelf- en zelfstandig een nieuw klantregistratiesysteem gemaakt waar ook de andere secretaresses veel baat bij hebben. Waardoor ze niet alleen beter registreren, maar ook meer uniform wat resulteert in meer overzicht en effectiviteit.

Oei… cijfermatige werkzaamheden

Wel heeft Roos moeite met de cijfermatige aspecten van haar functie. Volgende week heeft zij een voortgangsgesprek met Brian, haar leidinggevende. “Ik zie daar wat tegenop” vertrouwt ze Tessa toe. Want grote kans dat dit gesprek met Brian vooral gaat over wat niet goed gaat en waar ze een hekel aan heeft, namelijk haar cijfermatige vaardigheden.

Daarmee is er een interessante parallel te trekken tussen de schoolresultaten en de situatie waar Roos in zit. Het ICT bedrijf van Tessa en Roos verkeert steeds vaker in een continue staat van verandering en dat op vele fronten tegelijk. Managers en medewerkers staan voor complexe veranderingen die vanuit de markt op hen afkomen. Veel van hen hebben in deze hectiek vaak meer oog voor wat niet goed gaat in plaats van zien en benoemen wat wel goed gaat. Zeker tijdens functionerings- en beoordelingsgesprekken (de houdbaarheidsdatum hiervan is overigens op) gaat veel aandacht uit naar waar talent niet ligt. Met moeite maakt de medewerker vervolgens van de drie een vier of als je geluk hebt een vijf. Deze benadering is niet motiverend; zwakke punten zijn immers niet voor niets zwakke punten.

Hoe het ook kan

Gelukkig hebben steeds meer managers de overtuiging dat je meer bereikt en effectiever bent als je sterke punten versterkt. Gelukkig zeg ik, omdat Brian blijft proberen de zwakkere kanten van Roos te verbeteren. Daarmee verliest hij te veel energie en krijgen de sterke kanten van Roos te weinig aandacht.

Zou het niet veel effectiever en leuker zijn om van zessen en zevens negens of tienen te maken? Of wat Roos betreft, investeren in het ontwikkelen van datgene waar zij van nature aanleg of talent voor heeft. Dan ontstaat de kans om écht te excelleren. Zwakkere punten kun je ook opvangen door bijvoorbeeld te werken met een collega die juist die punten weer als kracht heeft. Als mensen elkaar zien én aanvullen als puzzelstukjes dan ontstaat er een mooi plaatje. Voor Brian betekent dit meer aandacht geven aan het organiseren van verschil in plaats van het reproduceren van uniformiteit.

Als leidinggevende heb je de bevoorrechte positie om collega’s te begeleiden in hun groei en ontwikkeling. Brian zou er dus goed aan doen om samen met Roos een concreet plan te maken: hoe kan zij haar sterke punten verder ontwikkelen, hoe kan dit maximaal ingezet worden en waar kan dat toe leiden? We hebben het dan over Appreciative Inquiry. Deze aanpak verlegt de focus van problemen naar perspectief en van ontkennen, klagen en kritiek geven naar verantwoordelijkheid nemen, eigenaarschap en samenwerken. Dit levert creativiteit, betrokkenheid, acties en initiatieven van mensen op die nodig zijn om veranderingen succesvol te realiseren.

Binnen deze aanpak mag Brian Roos zeker aanspreken op de punten die ze niet zo goed beheerst. Benoemen wat niet goed gaat en wat voor verbetering vatbaar is is juist belangrijk. Maar door ook goede feedback op het presteren van Roos te geven en dit te koppelen aan haar sterke punten, ontstaat winst, groei en energie. Zo helpt dit hen om te focussen op twee krachtige succesimpulsen: dat wat goed gaat en dat wat ze concreet met elkaar willen realiseren. Een sfeer van vertrouwen en een betere samenwerking is het bijkomende resultaat. Op deze wijze wordt Roos uitgedaagd om het beste uit zichzelf te halen.

Dick Pieters is eigenaar van trainingsbureau IGNIUS. Via intervisie, tóp maatwerk trainingsprogramma’s en (team)coaching helpt hij mensen over hun eigen ontwikkeling én werk te laten nadenken. Met resultaten in de praktijk die er toe doen. De columns van Dick verschijnen in alle edities van het Noordhollands Dagblad, bijlage Plus-Werk – TMG.

Interessant? Deel deze column!

Veilige haven of durfplek?

Onze comfort zone is geen fysieke ruimte maar een voorspelbare, warme en rustige plek waar we doorgaans graag verblijven. Vaak te goed om te verlaten. Maar leer je er ook? Groei je er ook? Heeft de organisatie waar je werkt er profijt van?

Tessa werkt al weer een tijd voor haar huidige werkgever. Zij is goed in wat ze doet maar zit zij nog wel op haar plek zo vraagt zij zich af. Qua “leren en floreren” is het namelijk wat minder en haar laatste training is al weer van een jaar geleden. Zou het niet beter zijn als ik mijzelf meer zou uitdagen? Tessa zit in haar comfort zone; haar mentale beeld over wat zij wel en niet kan. De veilige plek waar niets groeit. Wat blijkt? De meeste van ons zijn namelijk niet zozeer bang voor verandering; we zijn bang om het oude achter te laten en een bepaalde mate van onzekerheid op te zoeken. We werpen mentale barrières op en komen met smoezen om de sprong niet te wagen. Tessa doet de dingen goed maar belangrijker is de vraag die zij zich moet stellen: doe ik ook de goede dingen?

Zitvlees versus jobhoppers

Want wat is aantrekkelijker? Tessa’s cv met een of twee langdurige dienstverbanden of een met acht verschillende banen in tien jaar? Zitvlees wordt over het algemeen beloond. De tijd leert je bijvoorbeeld bedrijfsprocessen en klanten beter te begrijpen. Maar personeel dat blijft hangen uit angst om een vast contract te verliezen is zowel slecht voor de eigen ontwikkeling als voor de innovatie van het bedrijf. Lang in dienst zijn kan goed zijn, maar lang op dezelfde plek zitten is dat doorgaans niet. Jobhoppers aan de andere kant hebben nadelen maar zijn daarentegen breed onderlegd, hebben ervaring in verschillende branches en organisaties en de leercurves zijn vaak steiler dan die van een plakker.

Het verhaal

Hoppen noch plakken is goed of slecht. Het verhaal erachter is uiteindelijk wat telt. Kan de jobhopper zijn vertrek in vorige banen op een aannemelijke manier uitleggen? Had hij bijvoorbeeld verschillende interimjobs in afwachting van een vaste job? Ging het bedrijf waar hij werkte failliet? Een plausibele reden voor de plakker kan zijn dat hij al die jaren binnen de organisatie wel flink heeft kunnen groeien.

Maar ook de rol van de organisatie is belangrijk. Lerende organisaties, die hun mensen opleiden en uitdagend werk bieden, ondernemerschap stimuleren, aandacht besteden aan duurzame inzetbaarheid en resultaten vieren zijn in het voordeel ten opzichte van organisaties die dit niet doen. Of zoals een manager zei: “wat als we investeren in onze mensen en ze gaan weg?” Waarop de andere manager antwoordde: “wat als we dat niet doen en ze blijven?” Interne mobiliteit en flexibiliteit stimuleren binnen bedrijven is investeren in mensen en daarmee in resultaat voor je organisatie.

Wát Tessa doet in haar baan is belangrijk. Dat is een verantwoordelijkheid die primair bij haar ligt maar ook de organisatie moet daar aandacht voor hebben door zingeving en verbondenheid met elkaar te creëren. Door ieders talent optimaal te benutten en te laten zien dat ieders werk impact heeft. Want dan ontstaat dat “vonkje” dat leidt tot toegevoegde waarde voor alle partijen. En dan maakt de vraag of Tessa bij dezelfde organisatie moet blijven en koesteren wat zij heeft of lef tonen en weggaan niet meer zo relevant.

Topondernemer Richard Branson zei het ooit zo mooi: “Treat people well enough so they can leave and treat them well enough so they don’t want to”.

Dick Pieters is eigenaar van trainingsbureau IGNIUS. Via intervisie, tóp maatwerk trainingsprogramma’s en (team)coaching helpt hij mensen over hun eigen ontwikkeling én werk te laten nadenken. Met resultaten in de praktijk die er toe doen. De columns van Dick verschijnen in alle edities van het Noordhollands Dagblad, bijlage Plus-Werk – TMG.

Interessant? Deel deze column!

Schipperen of handig manoeuvreren?

Hoewel het ruim van tevoren was aangekondigd kwam de mededeling van de directie van het ICT bedrijf toch als een verrassing bij Tessa en haar collega’s. Er was een succesvolle overname gedaan op een andere organisatie om niet alleen de toenemende concurrentie beter het hoofd te kunnen bieden maar ook om de omzet en groei te vergroten.

De product- en dienstencombinatie van beide bedrijven sloten naadloos op elkaar aan. Ook hielp het dat de directeuren elkaar al jaren goed kenden. Op alle vlakken synergie zou je zeggen. De fusie was beklonken en praktische zaken waren geregeld. Maar er was iets anders, wat vreemd voelde na de overname, iets veel belangrijkers: mensen. Nieuwe collega’s om precies te zijn en ook nog eens uit een andere bedrijfscultuur.

“Wij en zij”

Bedrijfscultuur, we kunnen er in heel veel gevallen moeilijk de vinger achterkrijgen. We weten dat het ontzettend belangrijk is en toch kan slechts 20% van de fusies en overnames als succesvol worden beschouwd. Natuurlijk zijn overnames complex en speelt er veel, maar de overname was nu zeven maanden geleden en nog steeds voelde de nieuwe collega’s niet vertrouwd en eigen. Men sprak over “wij” en “zij”. Onderling sprak men over een cultuurkloof. Hoewel in de loop van de maanden de onderlinge verstandhouding tussen de nieuwe collegae iets was verbetert zijn de verwachte synergievoordelen absoluut niet behaald. Dit resultaat is het gevolg van slecht management, gebrekkige communicatie en misschien niet goed functionerende systemen. Maar bovenal ligt de oorzaak bij het gebrek aan aandacht voor cultuurverschillen op de werkvloer voor, tijdens en na het fusietraject. De menselijke factor dus.

Volgens Geert Hofstede, die internationale bekendheid geniet op het gebied van interculturele studie, is cultuur de collectieve mentale programmering die de leden van één groep of categorie mensen onderscheid van een andere. Het geheel van gemeenschappelijke waarden, normen en opvattingen die kenmerkend zijn voor de organisatie en invloed hebben op de effectiviteit daarvan. Deze factoren zijn lastig te beïnvloeden en moeilijk te omvatten in richtlijnen of procedures. Ze lijken marginaal maar zijn dé aandachtsfactor bij succesvolle integratie van teams en bedrijven.

Bovenstroom en onderstroom

Een organisaties is te vergelijken met een ijsberg. Het kleine topje van de ijsberg dat boven het water uitsteekt is zichtbaar (de “harde” factoren of bovenstroom). Dit bestaat uit eenvoudig te achterhalen aspecten zoals o.a. bevoegdheden, gedrag (individueel) en structuren, systemen en werkprocessen (collectief). Het overgrote deel van de ijsberg zit echter onder water en is moeilijk te zien (de “zachte” factoren of onderstroom). Denk hierbij aan beleving, verwachtingen, motivatie (individueel) en collectieve ambitie, overtuigingen en dynamiek (collectief). In dit gedeelte van de ijsberg vindt men onder andere de cultuur van een bedrijf. Ogenschijnlijk simpele vragen zoals: wie parkeert, waar zijn auto? Hoe vaak vergaderen wij met elkaar? Wat trek je aan naar je werk? Hoe spreken wij elkaar aan? Waar zit de directie en hoe wordt er geluncht? leveren waardevolle informatie op over de organistiecultuur. Doordat tijdens de fusiebesprekingen tussen het bedrijf van Tessa en het andere bedrijf vooral gekeken is naar de strategische en formele aspecten (de bovenstroom) en niet naar de culturele verschillen tussen de bedrijven (de onderstroom) kunnen we niet spreken van een succesvolle overname.

Kampioen van Engeland

Bedrijfscultuur is niet voor niets steeds vaker een reden voor medewerkers om de club te verlaten als ze geen match voelen op het vlak van waarden en motivatie. Of voor mensen juist een reden om massaal te reageren op een vacture. Tik maar eens in op Google: De Vloer advertentie. Het loopt inmiddels storm bij dit bedrijf. Er bestaat geen ideale cultuur voor alle organisaties maar als het organisaties lukt om de organisatiecultuur uit te dragen en het gemeenschappelijk belang te benadrukken dan zorgen zij er voor dat er veel beter gepresteerd wordt dan concurrenten die op papier hetzelfde doen. Een sterke bedrijfscultuur, de kracht van het collectief, het “wij” gevoel, waardoor een op papier zeer matig elftal zoals Leicester City ineens kampioen van Engeland kan worden.

Dick Pieters is eigenaar van trainingsbureau IGNIUS. Via intervisie, tóp maatwerk trainingsprogramma’s en (team)coaching helpt hij mensen over hun eigen ontwikkeling én werk te laten nadenken. Met resultaten in de praktijk die er toe doen. De columns van Dick verschijnen in alle edities van het Noordhollands Dagblad, bijlage Plus-Werk – TMG.

Interessant? Deel deze column!

Geleuter over passie en betrokkenheid

Net zoals u, kan ook Tessa uitstekend voor zichzelf zorgen. Zij let goed op haar voeding, zij zorgt voor voldoende beweging en ze is nooit te laat met het betalen van de hypotheek. Afval wordt keurig gescheiden en staat iedere week netjes langs de weg en op zaterdag is zij verantwoordelijk voor de sportkantine.

Natuurlijk drinkt Tessa niet als ze nog moet autorijden. In haar werk is haar instelling en gedrag niet anders. Ook hier neemt zij als accountmanager bij een ICT bedrijf haar verantwoordelijkheid, toont ze initiatief, initieert zij ideeën en realiseert zij samen met haar collega’s doelstellingen.

Waarom, zo vraagt zij zich af, heeft ze dan een manager die haar in haar nek hijgt en iedere dag controleert of Tessa haar werk naar behoren uitvoert? Met de opmerking “zie het als een uitdaging” diende hij Tessa eens van repliek toen zij vroeg of al die checks, lijstjes en regels wel nodig waren. Typisch Rob maar kon het allemaal niet wat minder? Ook komt het voor dat Rob zelfs ronduit zijn gezag laat gelden, op zijn strepen gaat staan. Maar… hoe meer gezag, hoe minder mensen luisteren.

Controle die benauwd

Steeds vaker voelt zij zich door Rob als klein kind behandeld en heeft ze de neiging hem te ontlopen. Tessa is stiller geworden. Want het is niet alleen de controle die haar benauwd, ook komt Rob met goedbedoelde suggesties waarvan zij zich afvraagt of deze bij haar passen en waarvan zij overtuigd is dat deze niet voor haar werken. Tessa beschouwt zichzelf als een zelfstandig professional. Zij heeft de behoefte om haar werk zelf in te delen en om te doen wat past in een gegeven situatie. Bij twijfel is een collega bovendien nooit ver weg om eens te sparren.

Het is een bekend probleem, want in veel organisaties is sprake van bureaucratie, controle en directief leiderschap maar wordt er geleuterd over passie, ontwikkeling en betrokkenheid. Voor alle duidelijkheid, management en leidinggeven zijn beide stuwende krachten en belangrijk in een organisatie. Een manager realiseert zijn doelen door zich te focussen op processen, richtlijnen, analyse en functioneel gezag. Het gaat over aanwijzingen geven en mensen overhalen dingen te doen die ze liever niet doen. Een leider realiseert zijn doelen doordat hij zich richt op mensen, synergie, motivatie en kansen. Leiderschap is sturen op gedrag, vertrouwen geven en persoonlijke groei faciliteren. Het gaat over mensen inspireren die dingen te doen waarvan ze dachten dat ze die nooit konden doen.

En bij het inspireren gaat het al fout. Want hoe ga je inspireren als er geen visie is? En als deze er wel is hoe kan het dan dat deze niet doorleefd wordt in de organisatie? Coolblue geeft in die zin het goede voorbeeld met de slogan “alles voor een glimlach”. En dan wordt één ding heel belangrijk; dat iedereen deze visie omarmt en dit concept kan én wil uitdragen. Maar belangrijker nog: iedere medewerker krijgt de vrijheid en het vertrouwen om naar eigen inzicht de klant tevreden te stellen. Medewerkers worden uitgenodigd met ideeen te komen en niet te wachten tot het perfect is. Want dan ben je te laat in veel markten. Oók in de markt van Tessa. Want een succesvolle organisatie begint niet bij tevreden klanten maar bij tevreden en zelfstandige medewerkers.

Hoe het ook kan

Hoe krachtig zou het zijn als Rob in staat zou zijn om grip te vervangen door verantwoordelijkheid, organiseren door inspireren en hoe en wanneer door wat en waarom. Want zelfsturing faciliteren is essentieel om het team en de organisatie aantrekkelijk, innovatief en wendbaar te houden. Het gaat bij persoonlijk leiderschap echt om het fijnslijpen van luisteren, denken en handelen. Het luisteren naar jezelf, naar de ander en tussen jou en de ander om effectief te zijn. Want de grootste zorg voor iedere organisatie is wanneer de meest betrokken en gepassioneerde mensen stil worden.

Dick Pieters is eigenaar van trainingsbureau IGNIUS. Via intervisie, tóp maatwerk trainingsprogramma’s en (team)coaching helpt hij mensen over hun eigen ontwikkeling én werk te laten nadenken. Met resultaten in de praktijk die er toe doen. De columns van Dick verschijnen in alle edities van het Noordhollands Dagblad, bijlage Plus-Werk – TMG.

Interessant? Deel deze column!

Oer en oersaai


Tessa weet nog hoe het was: een werkplek met kleine, afgescheiden en benauwde ruimtes. Ieder zijn eigen bureau met stoel, telefoon, kast en tl-buizen. Afgescheiden van haar collega’s door saaie grijsblauwe geluidsabsorberende schotten.

Wilde je iets vragen dan stak je je hoofd over de schutting of je moest inbreuk maken op iemands privacy door binnen te lopen in zijn of haar persoonlijke cubicle. En dat was, zo realiseerde zij zich, nog niet zo heel lang geleden.

Innovatief

De laatste jaren echter worden er vragen gesteld bij de traditioneel ingerichte werkplek op kantoor. Tessa werkt in de kennis- en dienstensector en zij kan overal werken. Onderweg op de parkeerplaats, in het park, het café of thuis aan de keukentafel, bij klanten en natuurlijk bij haar op kantoor. Het kantoor is de meest gebruikte werkplek om te werken en te ontmoeten maar… is het ook een inspirerende plek?
Universiteit Twente heeft hier onderzoek naar gedaan en concludeerde dat de inrichting en werkomgeving grote invloed heeft op emotie, beleving, creativiteit en uiteindelijk productiviteit. De juiste combinatie van deze factoren kan de prestaties van de mensen op kantoor met maar liefst 15 procent verbeteren zo leert het onderzoek. De omgeving waarin je werkt doet namelijk wat met je. Tevreden medewerkers verlaten minder snel de organisatie waarmee je waardevolle kennis langer aan je bindt. Ook het ziekteverzuim onder tevreden medewerkers is beduidend lager.

Vraag

Je zou de vraag kunnen stellen waarom kantoorgebouwen dan alleen voor kantoor worden gebruikt. Want we stoppen mensen weg in iets wat niets te maken heeft met de natuurlijke omgeving van de mens.
Als kenniswerker is je brein van onschatbare waarde. Daar moet je dus goed voor zorgen. Toch doen we in de praktijk vaak het tegenovergestelde. We brengen het grootste gedeelte van de dag zittend door in een onnatuurlijke, saaie omgeving vol sleur en ongezonde verleidingen. Funest voor de creativiteit, innovatievermogen en prestaties.
Google’s hoofdkantoor in London pakt het anders aan en kent bijvoorbeeld nauwelijks nog traditionele werkplekken. Alle werkruimtes staan in het teken van ontspanning, gezonde voeding en creativiteit, onder het motto “gelukkige werknemers werken beter”. Hun broedplaatsen, netwerkknooppunten of “hubs” moeten de creativiteit prikkelen, kleur geven aan verbinding en inspireren tot nieuwe oplossingen en samenwerkingsvormen. Het beschikt over een enorme hoeveelheid en allemaal verschillend ingerichte ruimtes met namen als Granny’s Flat, Jungle room, Lala library, Eco Room of Hedge Your Bets. Er zijn fiets- en sta-bureaus, speeltoestellen, zitballen en mock-up en powernap rooms. Motiverende quotes en fotobehang van exotische plekken sieren de felgekleurde muren.
Dichter bij huis zijn Microsoft Nederland op Schiphol of The Ven in Amsterdam mooie voorbeelden van het hedendaagse kenniswerken. Gewoon doen, kijk maar eens op ven-amsterdam.com. Welkom in de werk- en leefwereld van vandaag. Veel creatiever gaat het op dit gebied de komende jaren niet worden.

Wipkip

Betekent dit dan dat bedrijven massaal aan de ping-pong tafels, wipkippen, kleurwanden en kantoorhonden moeten? Nee. De fysieke werkomgeving blijft bestaan maar de functie verandert. Organisaties zullen over 10 jaar voornamelijk bestaan uit meeting points en communities met gedeelde passie als kern waarbij gelijkgestemden samenkomen voor een thema rondom een specifieke uitdaging. De werkplek zal hierop moeten zijn afgestemd. Binnen het ICT bedrijf van Tessa is het inmiddels zo dat de kantoren structuren zijn, gericht op veranderende teams waarbij meerdere functies gehuisvest kunnen worden binnen één locatie. Een eigen kantoor of bureau is voor haar niet eens een voorwaarde; werken kan ze immers overal.
Door de digitale mogelijkheden lost onze bestaande manier van werken simpelweg langzaam op. Aangejaagd door social, mobile, cloud en de groeiende behoefte om altijd toegang te hebben tot informatie creëren organisaties anno nu inspirerende fysieke en mensgerichte plekken waarin aandacht is voor milieu, werk, technologie en waarin gezondheid, welzijn en ontmoeten meer dan ooit geprikkeld worden.

Dick Pieters is eigenaar van trainingsbureau IGNIUS. Via intervisie, tóp maatwerk trainingsprogramma’s en (team)coaching helpt hij mensen over hun eigen ontwikkeling én werk te laten nadenken. Met resultaten in de praktijk die er toe doen. De columns van Dick verschijnen in alle edities van het Noordhollands Dagblad, bijlage Plus-Werk – TMG.

Interessant? Deel deze column!

Het leed dat vergaderen heet

Tessa, werkzaam als accountmanager bij een middelgroot ICT bedrijf, krijgt de volgende mail:

Graag nodig ik je uit voor onze wekelijkse saaie en ineffectieve vergadering voor donderdagochtend a.s.. Ook nu weer staan er een aantal onderwerpen op de agenda die er vorige keer én de keer daarvoor ook opstonden. We zullen samen met het team wederom een poging wagen om belangrijke zaken te bespreken en om de eerder gemaakte afspraken en actiepunten nu wél na te komen. Want we steken er graag tijd in en putten er veel energie uit. Exact om 9.00 uur starten we maar laat even weten als dat niet lukt. Dan schuif je gewoon later aan; we snappen dat je het druk hebt. Ik zal proberen de agenda en de notulen op tijd naar jullie toe te sturen. Vergeet niet om deze op het allerlaatste moment door te nemen en uit te printen. Dat geldt overigens ook voor de notulen. Lukt dit niet dan kan je bij je collega meekijken. Ten minste, als het hem/haar wel gelukt is alles goed voor te bereiden.

Qua tijd wil ik een uur reserveren maar houdt er rekening mee dat wij dat ook deze keer niet gaan halen. Ambitie is mooi maar we moeten de realiteit niet uit het oog verliezen. Een uitloop van zeker twintig minuten is reëel om rekening mee te houden. Let maar op, aan het einde van onze vergadering, bij het punt w.v.t.t.k. zal collega Remco weer met een onderwerp komen waarvan hij vergeten is dit op de agenda te zetten maar wat hij te belangrijk vindt om onvernoemd te laten.

Dit punt zal minimaal twintig minuten van onze tijd vragen. Een punt waar wij ons allen niet op hebben voorbereid zodat we er -laten we eerlijk zijn- inhoudelijk eigenilijk niets mee kunnen. Enfin, dan verschuift dit onderwerp naar de volgende vergadering. Ik stel mij er op in dat het weer dezelfde mensen zijn die het woord voeren en dat het ook weer dezelfde collega’s zijn die braaf knikken en hun mond houden. Tot donderdag!

Een rare mail? Natuurlijk. Ieder weldenkend mens zou dit bericht direct verwijderen. Tessa heeft deze mail ook helemaal niet ontvangen. Zij krijgt een keurige uitnodiging om aanwezig te zijn bij de volgende vergadering. Maar bovenstaande is wél hoe zij de uitnodiging voor de vergadering leest en ervaart. Een beetje flauw? Wellicht, maar ineffectief, onvoorbereid en doelloos vergaderen doen we allemaal en niet zo’n klein beetje ook. Bij Tessa op kantoor vergaderen ze zich suf en bij het minste of geringste is er overleg. Overleg dat zich kenmerkt door weinig betrokkenheid, zoeken naar consensus en wat routine, voorspelbaarheid, polderen als basis heeft. Een dodelijke mix voor ieder team en organisatie.

Voor alle duidelijkheid: in de complexe wereld waarin we met zijn allen opereren, is goed overleg en afstemming van levensbelang. Maar zou het niet goed zijn om elk overleg de moeite waard te maken? Tessa is overtuigd van wel. Zij neemt zich voor dat het roer om moet en doet het voorstel om de volgende vergadering te gaan leiden. Spannend, maar hoe het ging kan niet meer. Op internet vindt zij allerlei tips die zij wil inzetten om de vergaderingen in hun team weer de moeite waard te maken. Start voor haar is te vragen aan haar collega’s waar het écht om gaat: of ze minder of béter willen vergaderen, welke verwachtingen ze daarbij hebben en wat er in ieder geval in gedrag moet veranderen om deze eerste stap te zetten.

Tessa is er klaar voor en wordt al blij van de gedachte. Ze weet dat het een lange weg is maar effectief vergaderen begint met het besef dat je niet wil blijven doen wat je hebt gedaan. Zonder persoonlijke verantwoordelijkheid verandert er namelijk niets. Want je kunt het ook omdraaien: het is helemaal niet moeilijk om van overleg een productieve bezigheid te maken, die geasocieerd wordt met tijdwinst, plezier en effectiviteit. Waarin prima besluiten worden genomen die ook nog worden uitgevoerd. Waarin mensen iets bereiken en met een voldaan gevoel weglopen.

Dick Pieters is eigenaar van trainingsbureau IGNIUS. Via intervisie, tóp maatwerk trainingsprogramma’s en (team)coaching helpt hij mensen over hun eigen ontwikkeling én werk te laten nadenken. Met resultaten in de praktijk die er toe doen. De columns van Dick verschijnen in alle edities van het Noordhollands Dagblad, bijlage Plus-Werk – TMG.

Interessant? Deel deze column!